Blog

Fysieke spreekuren weer van start!

Wij zijn blij u te mogen mededelen dat de huidige maatregelen rondom het coronavirus het weer toelaten fysieke spreekuren te kunnen voeren. Dit betekent dat wij vanaf november 2021 weer voor u klaar staan op één van onze locaties. Het is nog niet mogelijk om zonder afspraak bij ons langs te komen. U kunt een afspraak maken door een mail te sturen naar
info@rechtswinkelarnhem.nl of het contactformulier op de website in te vullen. Dus heeft u een juridische vraag? Maak gerust een afspraak! Wanneer fysiek langskomen niet mogelijk is, blijft de mogelijkheid bestaan om uw advies online te vragen.

Wij hopen u snel te mogen verwelkomen op het spreekuur!

Gekort op de bijstandsuitkering

Afgelopen maanden is er een hoop media-aandacht geweest over de bijstandsuitkering. Het ging dan specifiek over het korten van bijstand bij mensen die recht hadden op bijstand, die naast bijstand giften kregen. Onder deze giften worden producten verstaan die men krijgt zonder tegenprestatie.

Een zaak die veel aandacht kreeg in de media was een rechtszaak over een vrouw die gekort werd in haar bijstand. De bijstand werd gekort, omdat de vrouw boodschappen kreeg van haar moeder. Veel mensen reageerden verontwaardigd op het oordeel van de rechter dat de bijstand van de vrouw terecht gekort werd. Desondanks was de rechter het in het beroep eens met de gemeente, de bijstand van de vrouw was terecht gekort. Hierdoor rijst de vraag wanneer een gemeente de bijstand van een inwoner mag korten. In deze blog leest u wanneer bijstand al dan niet gekort mag worden.

Recht op een uitkering

Als iemand langdurig geen werk heeft, heeft deze persoon waarschijnlijk recht op een uitkering. Uiteindelijk kan iemand waarschijnlijk ook een bijstandsuitkering krijgen. Deze uitkering krijgt men alleen als er onvoldoende inkomen is en er daarnaast geen beroep gedaan kan worden op een andere voorziening of uitkering, waarmee iemand in levensonderhoud kan voorzien. Of men onvoldoende inkomen heeft, wordt bepaald aan de hand van het sociaal minimum dat van toepassing is op deze persoon. Het sociale minimum voor een alleenstaande van boven de 21 bedraagt €1239,10. Het minimum inkomen is echter sterk afhankelijk van persoonlijke omstandigheden. Het hebben van een partner kan er bijvoorbeeld al voor zorgen dat iemand minder snel recht heeft op een uitkering.

Korten op uitkering

Indien men een bijstandsuitkering heeft, worden alle inkomsten naast de bijstandsuitkering in beginsel gekort op de bijstand. Wanneer extra inkomsten door de bijstandsgerechtigde niet gemeld worden aan de gemeente, kan dit leiden tot een korting op de uitkering of zelfs terugvordering van een uitkering. Bij een terugvordering dient een deel van de uitkering in het geheel terugbetaald te worden. Dit laatste gebeurde dan ook bij de vrouw die haar uitkering terug moest betalen omdat zij gratis boodschappen kreeg van haar moeder.

Toch wordt de bijstand niet altijd gekort, bij giften wordt de bijstand niet direct gekort. Bij giften geldt er in de gemeente Arnhem in beginsel een grens van €1200. Pas boven de grens van €1200 wordt de uitkering van bijstandsgerechtigden gekort. Er zijn echter veel andere gemeenten die een andere grens hanteren voor het korten van een uitkering.

Rechtsonzekerheid

De vrouw uit het voorbeeld die gekort werd op haar boodschappen kreeg een gift waarbij de grens van €1200 ruim overschreden werd. Dat deze vrouw gekort werd in haar uitkering was dan ook terecht. Toch is het systeem van giften in elke stad anders, dit kan bij burgers voor een hoop onduidelijkheid zorgen. Zo mag men in Den Haag bijvoorbeeld giften ontvangen tot €1700. Hierdoor weten burgers niet goed waar zij precies aan toe zijn, dit zorgt voor zogenoemde rechtsonzekerheid bij burgers. Het zou daarom goed zijn als er op het gebied van bijstand duidelijkere regelgeving komt vanuit de centrale overheid. Hierdoor weten burgers beter waar zij aan toe zijn.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: IJsbrand

Huurbescherming bij opzegging huurcontract door verhuurder

Een huurder heeft, op enkele uitzonderingen na, recht op huurbescherming. Er geldt een bescherming tegen het opzeggen van de huur door de verhuurder. Dit houdt in dat een verhuurder de huurder niet zomaar op straat kan zetten. Er moet worden voldaan aan een wettelijke opzeggingsgrond en de huurder moet instemmen met de opzegging. Stemt de huurder na opzegging van de verhuurder niet schriftelijk in met beëindiging van de huur, dan moet de verhuurder de huurder voor de rechter dagen en vorderen dat de rechter het tijdstip zal vaststellen waarop de huurovereenkomst zal eindigen. De rechter zal deze vordering alleen toewijzen indien de verhuurder zich kan beroepen op een wettelijke opzeggrond. Niet altijd is eenvoudig aan deze opzeggingsgrond voldaan en hier zit dan ook een vergaande bescherming voor de huurder. Een voorbeeld van een opzeggingsgrond is slecht huurdersgedrag. De huurder heeft bijvoorbeeld een grote huurachterstand, of de huurder zorgt voor veel overlast. Een andere grond is de verhuurder die het pand zelf nodig heeft voor dringend eigen gebruik. Of hieraan is voldaan is dus ter beoordeling aan de rechter.

Deze huurbescherming geldt voor huurders van een zelfstandige woning evenals een onzelfstandige woning en ook huurders van bedrijfsruimtes vallen onder deze bescherming. Zelfs een medehuurder, dat wil zeggen iemand die geen huurcontract is overeengekomen met de verhuurder, kan aanspraak maken op deze bescherming.

Geen huurbescherming

Bovenstaande bescherming hoeft niet altijd het uitganspunt te zijn. Verhuurder en huurder kunnen er ook voor kiezen om de huurovereenkomst met wederzijds goedvinden te beëindigen. Dit betekent dat huurder en verhuurder er beiden mee instemmen dat het huurcontract wordt beëindigd. Denk aan een situatie dat de huurder toch al op zoek was naar een nieuwe woonruimte. In dit geval is er niet voldaan aan de wettelijke opzeggingsgrond, maar daar gaat de huurder dan mee akkoord.

Wet Doorstroming Huurmarkt

Voorheen was in de praktijk veel kritiek op de te ver doorgeschoten wettelijke bescherming voor de huurder van een woonruimte. De wetgever is hier ook gevoelig voor gebleken. Per 1 juli 2016 is de Wet Doorstroming Huurmarkt van kracht geworden. De wetgever wilde de doorstroming op de huurmarkt bevorderen. Verhuurders werden namelijk afgeschrikt om een huurcontract aan te gaan met een huurder, doordat het moeilijk bleek om een huurovereenkomst te beëindigen. Dit is nu versoepeld.

Indien het gaat om een huurcontract van maximaal twee jaar (voor een zelfstandige woning) of vijf jaar (voor een onzelfstandige woning), eindigt de huur wanneer de bepaalde tijd is verstreken zoals dit in het huurcontract is afgesproken. Er is nog wel een schriftelijke kennisgeving vereist door de verhuurder. Dit wil zeggen dat de huurder middels een mail of brief de huurder laat weten wanneer het huurcontract eindigt. Deze kennisgeving mag niet later dan één maand de huurder bereiken. Dit lijkt misschien in eerste instantie op een opzegging, maar dit is een soort van herinnering aan de huurder. Hierdoor weten beide partijen waar ze aan toe zijn en kan er geen onduidelijkheid ontstaan over de intentie van beide partijen.

De bescherming voor de huurder is door de Wet Doorstroming Huurmarkt wellicht iets ingeperkt, maar dit neemt niet weg dat er altijd nog een vergaande bescherming is.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Kiki

Bestuur 2021-2022

Afgelopen zondag heeft de bestuurswissel van Rechtswinkel Arnhem plaatsgevonden. Van links naar rechts zijn dit de nieuwe bestuursleden: Lotte Wissink (penningmeester), Richelle Peters (voorzitter) en Hester Keuper (secretaris).
Graag willen wij het oude bestuur bedanken voor hun inzet in dit bijzondere jaar!
Voor gratis juridisch advies kunt u op dit moment nog altijd bij ons terecht via de mail (info@rechtswinkelarnhem.nl) of via het contactformulier op onze website. Verder hopen wij u ook snel weer te kunnen verwelkomen op een van onze spreekuurlocaties. Zodra dit weer mogelijk is zullen wij dit vermelden op onze website en sociale media.

Coronapaspoort: inbreuk op uw rechten?

Het is dan hoogstwaarschijnlijk toch mogelijk om te reizen deze zomervakantie binnen de Europese Unie-landen. Dit kan door middel van het EU Digitaal Corona Certificaat, ook wel het DCC of het coronapaspoort genoemd. Dit is een certificaat dat dient als bewijs dat u in enige zin beschermd bent tegen het coronavirus. Dit kan een negatieve testuitslag zijn, een vaccinatiebewijs of een bewijs dat u bent hersteld van corona. Hoe zit dit in verband met het recht op de bewegingsvrijheid – het vrij kunnen reizen van Europese burgers – en de privacy van de Europese burger? Dit wordt hieronder uitgewerkt.

Verordening

Per 1 juli 2021 is de verordening voor het EU Digitaal Corona Certificaat in werking getreden. Deze Europese verordening is gevormd om te voorzien in het grensoverschrijdende Europese verkeer van burgers. Een verordening is een soort wetgeving op Europese Unie niveau waar burgers zich aan behoren te houden. De EU Digitaal Corona Certificaat verordening heeft tevens een grondslag in de Nederlandse Tijdelijke wet coronatoegangsbewijzen. Deze wet biedt de grondslag om coronatoegangsbewijzen in te zetten bij de bestrijding van corona en (her)opening van de samenleving. Er was nog enige discussie over de duur van het DCC. De Europese Commissie (uitvoerende macht van de EU) voorzag een periode van het coronapaspoort voor wel drie jaar. Het Europees Parlement (wetgevende macht van de EU) heeft deze periode inmiddels teruggebracht tot één jaar.

Privacy en bewegingsvrijheid

Iedereen heeft recht op privacy, waar ook de verwerking van persoonsgegevens onder valt. Om dit zoveel mogelijk te waarborgen bevat het coronapaspoort slechts de volgende informatie: duidelijk te identificeren kenmerken van de persoon (zoals de naam, achternaam, geboortedatum), het type COVID-19-vaccin, registratienummer, datum en plaats van vaccinatie. Dit wordt beschermd tegen misbruik en fraude en er mag voor het verstrekken van het paspoort ook niet gediscrimineerd worden. Daarnaast mogen de ontleende gegevens in beginsel ook niet door de andere lidstaten worden bewaard.

Het vrije verkeer van personen (bewegingsvrijheid) is een belangrijk recht dat burgers ontlenen aan het Europees recht en de EU mag hier ook maatregelen op treffen. De Europese Commissie heeft gekozen om door middel van het coronapaspoort tijdens de pandemie het vrije verkeer toch mogelijk te maken,  zonder extra testen of nadere controles. Als de veiligheid gegarandeerd wordt is er immers geen reden tot beperking. Beperking moet namelijk genoodzaakt zijn. In dit geval wordt het burgers toch mogelijk gemaakt om vrij te reizen met dit paspoort en wordt tevens de veiligheid gewaarborgd.

Kortom is de verordening bedoeld om mogelijke beperkingen van de bewegingsvrijheid en andere grondrechten zoals het recht op privacy, als gevolg van de COVID-19-pandemie, te vergemakkelijken. Hierbij wordt bescherming van de menselijke gezondheid nagestreefd. Tevens is expliciet een punt opgenomen in de verordening waarin wordt aangekaart dat deze mogelijkheid beperkingen op deze vrijheden te stellen niet mag worden opgevat als vergemakkelijking of aanmoediging van de invoering van beperkingen van het vrije verkeer of andere grondrechten als reactie op de pandemie.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Teuta

De wijziging van het ouderschapsverlof

Als werkende ouder kan het zijn dat u recht heeft op ouderschapsverlof. Dit verlof biedt ouders de mogelijkheid om extra uren/dagen vrij te nemen, die nodig kunnen zijn bij de opvoeding van een kind. Een groot deel van de ouders die recht heeft op dit verlof maakt er echter geen gebruik van. De overheid probeert dit door middel van een aangepaste regeling te veranderen. Hieronder leest u hoe de regeling omtrent ouderschapsverlof op dit moment werkt en wat er met ingang van de aangepaste regeling gaat veranderen.

Huidige regeling

Op dit moment hebben ouders en verzorgers (biologisch kind, adoptiekind, pleegkind of stiefkind) recht op ouderschapsverlof. Dit verlof is aanvullend op bijvoorbeeld het zwangerschaps- en geboorteverlof.

Ouders mogen het ouderschapsverlof in de eerste 7 levensjaren van hun kind opnemen. Het verlof is maximaal 26 keer het aantal in het contract opgenomen uren (heeft u contractueel 32 uur, dan heeft u dus recht of 26 x 32 uur ouderschapsverlof). In principe geldt dat dit verlof onbetaald is. Er kunnen daarover echter afwijkende afspraken gemaakt zijn in de cao of het contract.

Het aanvragen van ouderschapsverlof moet minimaal 2 maanden voorafgaand aan het verlof bij de werkgever worden gedaan. Bij deze aanvraag geeft u aan hoeveel uur u op wilt nemen, hoe u deze uren wilt verdelen en wanneer u met de verlofuren wilt beginnen. De werkgever mag dit verlof in principe niet weigeren. Hierop zijn uitzonderingen mogelijk. Het kan voorkomen dat bijvoorbeeld de verdeling die u voorstelt voor de werkgever niet haalbaar is. De werkgever moet dan proberen om samen met u tot een verdeling te komen die voor het bedrijf wel mogelijk is.

Veranderingen per augustus 2022

Voor veel ouders is het op dit moment niet mogelijk om ouderschapsverlof op te nemen. Zij kunnen het loon, dat zij door het opnemen van ouderschapsverlof in beginsel niet ontvangen, niet missen.

De overheid wil meer ouders de kans geven om gebruik te kunnen maken van de ouderschapsverlofregeling. Daarom zal de verlofregeling waarschijnlijk per 2 augustus 2022 veranderen. Vanaf dat moment kunnen ouders de eerste 9 weken (van 26 weken in totaal) van het ouderschapsverlof voor 50% van het dagloon doorbetaald krijgen. Deze doorbetaling wordt niet door de werkgever gedaan, maar via een uitkering van het UWV.

De eerste 9 weken van het ouderschapsverlof worden alleen doorbetaald als ze in het eerste levensjaar van het kind opgenomen worden. Wordt dit niet gedaan, dan kunnen deze weken in de volgende jaren alsnog worden opgenomen. Ze worden dan echter niet doorbetaald. Daarnaast blijft voor de overige 17 weken de huidige regeling gelden. Deze weken kunnen nog steeds worden opgenomen tot het kind 8 jaar wordt. Deze blijven mits uitzonderingen in het contract of de cao onbetaald

De overheid heeft de regeling voor het ouderschapsverlof dus versoepeld. Of dit er ook toe gaat leiden dat meer ouders er gebruik van gaan maken, zal in de toekomst moeten blijken.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Merel

Re-integratieverplichtingen van de werknemer bij ziekte

Inleiding

Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek was er in Nederland in het laatste kwartaal van 2020 een ziekteverzuimpercentage van 4,9%. Dit is het hoogste ziekteverzuimpercentage sinds 18 jaar. In veel gevallen is de werkgever op grond van de wet verplicht om gedurende twee jaar het loon door te betalen aan een zieke werknemer. Dit is niet zonder voorwaarden. Werkgever en werknemer moeten er samen aan werken om de werknemer weer inzetbaar te krijgen voor het werk dat zo dicht mogelijk ligt bij het werk dat is afgesproken in de arbeidsovereenkomst.  Dit worden re-integratieverplichtingen genoemd. Met de re-integratie inspanningen kan worden gestart zodra de werknemer hiertoe in staat is. Tegenover de loondoorbetalings- en re-integratieverplichting van de werkgever staat dus dat de werknemer zich ook moet inspannen om weer terug te keren op de werkvloer. Werkt de werknemer niet mee aan zijn re-integratie? Dan kan dit nadelige gevolgen hebben.

Welke re-integratieverplichtingen heeft de werknemer?

De werknemer moet zich houden aan controlevoorschriften die erop gericht zijn om zijn loon vast te stellen. Dit gaat bijvoorbeeld om de verplichting om de voortgang van de ziekte te bespreken met de bedrijfsarts of een verplichting om op bepaalde tijdstippen thuis te zijn voor controle. Deze voorschriften moeten wel redelijk zijn. In de rechtspraak is bijvoorbeeld bepaald dat een voorschrift om hele dagen thuis te blijven niet redelijk is. Houdt de werknemer zich niet aan de (redelijke) controlevoorschriften? Dan moet de werkgever eerst een waarschuwing geven. Past de werknemer daarop zijn gedrag niet aan? Dan kan de werkgever het loon opschorten. Dit betekent dat de werkgever het loon inhoudt gedurende de periode dat de werknemer niet aan zijn verplichtingen voldoet. Voldoet de werknemer wel weer aan zijn verplichtingen? Dan moet de werkgever al het ingehouden, opgeschorte loon uitbetalen.

Daarnaast mag de werknemer zijn genezing niet belemmeren en is hij verplicht mee te werken aan het opstellen van een plan van aanpak. In het plan van aanpak wordt beschreven hoe de re-integratie wordt vormgegeven. Hierin kan staan dat de werknemer een cursus gaat volgen of dat zijn werktijden of werkpatroon wordt aangepast. De werknemer moet ook passende arbeid aanvaarden. Passende arbeid kan voor iedere werknemer anders zijn. Dit is gerelateerd aan onder andere het opleidingsniveau, de werkervaring en arbeidsmogelijkheden van de werknemer. Komt de werknemer een van de verplichtingen in deze alinea niet na? Dan kan een zware sanctie volgen. De werkgever kan namelijk, na eerst te hebben gewaarschuwd, het loon volledig stopzetten. In tegenstelling tot de loonopschorting, wordt bij de stopzetting het achterstallige loon niet betaald over de periode waarin de werknemer niet aan zijn verplichtingen voldoet.

Wat zijn de gevolgen als een werknemer niet meewerkt aan zijn re-integratie?

Naast de loonopschorting en de loonstopzetting, kunnen er nog andere gevolgen zijn als de werknemer niet meewerkt aan zijn re-integratie. In principe kan een zieke werknemer niet worden ontslagen, maar dit verbod kan worden doorbroken. Als de werknemer namelijk stelselmatig zijn re-integratieverplichtingen niet nakomt en dit al is bestraft met een loonopschorting of stopzetting, dan kan de werkgever aan de kantonrechter vragen om de arbeidsovereenkomst te beëindigen. Een werknemer kan na twee jaar ziekte ook een WIA-aanvraag doen. Het UWV controleert daarbij of de werknemer zich voldoende heeft ingespannen voor zijn re-integratie. Is dit niet het geval? Dan weigert het UWV de WIA-uitkering.

Tot slot wordt van de werknemer ook een actieve rol verwacht. Is de werkgever nalatig in het aanbieden van passende arbeid? Of wordt er maar geen plan van aanpak opgesteld? Dan wordt er van de werknemer verwacht dat hij ook uit zichzelf voorstellen hierover doet. Gezien de mogelijke consequenties is het voor de werknemer dus van groot belang dat ook hij zijn steentje bijdraagt aan de re-integratie. Bij re-integratie staat terugkeer in een passende functie die zo dicht mogelijk aansluit bij de oude functie en bij de resterende arbeidsmogelijkheden voorop. Dit resultaat kan uiteindelijk het beste worden bereikt door een goede samenwerking tussen werkgever en werknemer.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Summer

Privacy

Door de tijd heen verandert ons beeld van privacy. In de jaren ’70 waren er protesten tegen het invoeren van een burgerlijke stand met inwoneraantallen om privacyschendingen te voorkomen. Nu voeren we op allerlei websites gegevens in. Dat is helaas niet zonder gevaren, dus zijn er vanuit Europa regels gesteld in de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) over het verwerken van persoonsgegevens.

Wat voor gevaren zijn er dan?
Er zijn verschillende gegevens met verschillende gevaren. Enkel een naam of geboortedatum zal nog niet veel verschil maken, maar met een emailadres of postadres kan gerichte reclame verstuurd worden. Gegevens zijn daarvoor ook weleens doorverkocht. Een BSN-nummer kan al gevaarlijker zijn, omdat je daarmee zorg- en overheidszaken regelt. Bovendien vraag je niet zomaar een nieuw BSN-nummer aan en brengt dat veel procedures en kosten mee.

Daarnaast wordt een bepaalde categorie gevoelige gegevens als bijzondere persoonsgegevens bestempeld, zoals ras, politieke opvattingen, seksuele gerichtheid en meer. De belangrijkste categorie is biometrische gegevens, bijvoorbeeld vingerafdrukken. Dit zijn gegevens die je niet kunt wijzigen of een nieuwe van kunt opvragen en daardoor zeer persoonlijk zijn.

Hoe beschermt de AVG?
De AVG stelt regels over het verwerken van persoonsgegevens. Er moet een grondslag zijn voor de verwerking zoals toestemming, een overheidstaak of een gerechtvaardigd belang. Wel zijn er uitzonderingen gesteld voor bijvoorbeeld journalistieke doeleinden.

Het strengste regime geldt voor de bijzondere persoonsgegevens en biometrische gegevens. Het uitgangspunt is dat je deze niet mag verwerken, tenzij er bijvoorbeeld uitdrukkelijke toestemming is. Bij biometrische gegevens moet de verwerking bovendien noodzakelijk zijn. Het kwam voor dat een bedrijf vingerafdrukken gebruikte voor een kassasysteem, waarbij de noodzakelijkheid ontbrak. Ondanks de toestemming, kreeg het bedrijf een flinke boete.

Wat als de regels worden geschonden?
In Nederland wordt door de AP (Autoriteit Persoonsgegevens) toezicht gehouden op de naleving van de AVG. Bij een schending kunnen zij een boete opleggen. Meer informatie over de meest actuele situaties kunt u ook vinden op de website van de AP: www.autoriteitpersoonsgegevens.nl. Daar kunt u laagdrempelig ook een privacyklacht (anoniem) melden.

Daarnaast is het mogelijk om zelf naar de rechter te stappen, bijvoorbeeld voor schadevergoeding wegens het onrechtmatig omgaan met uw persoonsgegevens. U zult daarmee wel proceskosten maken, dus raden wij aan om dan goed af te wegen wat de kosten en baten zijn.

Voorkomen is altijd beter dan genezen, dus pas op met gevoelige informatie en neem contact op met de gegevensverwerker als u ze wil opvragen of laten vernietigen.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Matthijs

Bitcoin

Steeds populairder

De laatste tijd staat het nieuws vol met artikelen over digitale munten. Dit komt doordat de populariteit van Bitcoins en andere digitale munten in de laatste jaren flink is gestegen. In de media gaat het dan vaak over grote aankopen die worden gedaan met de digitale munten. Wereldwijd zijn er verschillende bedrijven waar met Bitcoins betaald kan worden, maar ook hier in Nederland stijgt de populariteit. Een voorbeeld hiervan is een koper in Veghel die zijn toekomstige woning in bitcoin wil gaan betalen. Het gaat bij de aankoop van dit huis om een transactie van een miljoen euro. Doordat er grote transacties plaatsvinden met Bitcoin, rijst de vraag of de Bitcoin juridisch gezien kan worden als een wettig en veilig betaalmiddel.

Wettig betaalmiddel?

De Bitcoin is een virtuele munt, maar deze digitale munt wordt in tegenstelling tot andere valuta’s niet uitgegeven door een bank. Geld dat op een bankrekening staat wordt in de wet digitaal geld genoemd. In 2013 stelde de minister van Financiën dat Bitcoins niet kunnen vallen onder de definitie van digitaal geld in onze huidige wetgeving. Daarnaast staat er ook Europese regelgeving in de weg om de Bitcoin als wettig betaalmiddel aan te merken. Deze regelgeving stelt namelijk dat alleen de euro een geldig betaalmiddel is in lidstaten die de euro als valuta hebben. De Bitcoin wordt om deze redenen in Nederland niet gezien als wettig betaalmiddel, maar als ruilmiddel. Een ruilmiddel is een middel dat gebruikt wordt voor ruilhandel, hierbij is een persoon bereid een product te ruilen voor een ander product. De waarde van deze producten wordt echter door de partijen bepaalt. Dit is de reden dat er aan ruilhandel risico´s kleven, deze risico´s zijn er ook bij de handel in bitcoin.

Risico’s  

Aangezien de Bitcoin niet als wettig betaalmiddel gezien kan worden en slechts een ruilmiddel is, kleven er risico’s aan transacties met bitcoins. Veel wettelijke bepalingen die wel van toepassing zijn op normaal geld, zijn niet geldig voor overeenkomsten die betrekking hebben op de Bitcoin. Zo oordeelde de rechtbank van Overijssel dat het vorderen van schadevergoeding na een mislukte overeenkomst omtrent de levering van bitcoins niet mogelijk was. Hierdoor liep de benadeelde partij veel geld mis. Dit is slechts één voorbeeld waaruit blijkt dat de Bitcoin betaalmiddel is, waaraan veel risico’s kleven voor de gebruiker. Het is dan ook maar de vraag of de verkoper van het huis in Veghel akkoord zal gaan met de verkoop van zijn huis in bitcoins.

Deze risico’s zouden in de toekomst verholpen kunnen worden door de huidige regelgeving rondom het gebruik van Bitcoins en andere digitale valuta te veranderen. Op deze manier kunnen er in de toekomst hopelijk op een veilige manier overeenkomsten gesloten worden, waarbij de betaling in bitcoins gedaan wordt.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: IJsbrand

Let op uw persoonsgebonden aftrek en betaal niet te veel inkomstenbelasting

Inleiding

Het jaarlijkse moment van de belastingaangifte is weer aangebroken. In deze aangifte heeft de Belastingdienst voor veel mensen het inkomen en de spaartegoeden al ingevuld. Daarnaast bestaan tal van aftrekposten die niet voor u zijn ingevuld, maar waar u mogelijk wel geld mee kan besparen. Een belangrijke categorie van aftrekposten is de persoonsgebonden aftrek. Hieronder wordt besproken wat de persoonsgebonden aftrek is, welke kosten afgetrokken kunnen worden en wanneer u hiervoor in aanmerking komt.

Wat is de persoonsgebonden aftrek?

Een aftrekpost vermindert het inkomen dat voor de belasting in aanmerking genomen wordt, waardoor de uiteindelijke belasting lager wordt. De persoonsgebonden aftrek omvat verschillende aftrekposten en is het totaal van deze verschillende aftrekposten. Hieronder worden enkele aftrekposten besproken die onderdeel zijn van de persoonsgebonden aftrek.

Zorgkosten

Specifieke zorgkosten zijn in beginsel aftrekbaar als deze gemaakt zijn in verband met ziekte of invaliditeit. U mag onder voorwaarden de zorgkosten aftrekken die gemaakt zijn voor u, uw fiscale partner en uw kinderen die jonger zijn dan 27 jaar en niet in staat zijn de kosten zelf te betalen. Alleen het deel van de zorgkosten dat hoger is dan het drempelbedrag mag daadwerkelijk worden afgetrokken. Het drempelbedrag wordt berekend op basis van uw inkomen. Als u uw zorgkosten invult in het online aangifteformulier wordt automatisch voor u berekend welk deel van de zorgkosten in aftrek kan worden gebracht.

Een overzichtelijke lijst van de aftrekbare zorgkosten staat op de website van de Belastingdienst of onder de informatieknop in uw digitale aangifte.

Giften

In de belastingaangifte wordt onderscheid gemaakt tussen periodieke giften die volledig aftrekbaar zijn en gewone giften die beperkt aftrekbaar zijn.

Er is sprake van periodieke giften indien u vaste en gelijke uitkeringen doet en u de verplichting bent aangegaan deze uitkeringen voor minimaal vijf jaar te doen. De gewone giften zijn giften aan een instelling die onder een speciale regeling valt waardoor de giften voor u aftrekbaar zijn. Stichting DierenLot is een voorbeeld van een dergelijke instelling. Of de instelling waaraan u een gift heeft gedaan onder deze regeling valt, kunt u controleren op de website van de belastingdienst. Ook voor de gewone giften geldt een drempelbedrag waardoor alleen het deel van de gift dat hoger is dan het drempelbedrag aftrekbaar is. Het drempelbedrag berekent de Belastingdienst voor u in het online aangifteformulier. Tot slot zijn contante bijdragen uitgesloten van aftrek.

Scholingskosten

Scholingskosten zijn in beginsel ook aftrekbaar, indien de opleiding of studie gevolgd wordt voor uw toekomstig beroep. Daarbij geldt als voorwaarde dat u geen recht heeft op studiefinanciering en u de scholingskosten zelf heeft betaald. De kosten die in aftrek mogen worden gebracht zijn in beginsel lesgeld en verplicht studiemateriaal. De scholingskosten zijn alleen aftrekbaar voor zover ze meer bedragen dan 250 euro met een maximum van 15000 euro.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Luc