Blog

Privacy

Door de tijd heen verandert ons beeld van privacy. In de jaren ’70 waren er protesten tegen het invoeren van een burgerlijke stand met inwoneraantallen om privacyschendingen te voorkomen. Nu voeren we op allerlei websites gegevens in. Dat is helaas niet zonder gevaren, dus zijn er vanuit Europa regels gesteld in de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) over het verwerken van persoonsgegevens.

Wat voor gevaren zijn er dan?
Er zijn verschillende gegevens met verschillende gevaren. Enkel een naam of geboortedatum zal nog niet veel verschil maken, maar met een emailadres of postadres kan gerichte reclame verstuurd worden. Gegevens zijn daarvoor ook weleens doorverkocht. Een BSN-nummer kan al gevaarlijker zijn, omdat je daarmee zorg- en overheidszaken regelt. Bovendien vraag je niet zomaar een nieuw BSN-nummer aan en brengt dat veel procedures en kosten mee.

Daarnaast wordt een bepaalde categorie gevoelige gegevens als bijzondere persoonsgegevens bestempeld, zoals ras, politieke opvattingen, seksuele gerichtheid en meer. De belangrijkste categorie is biometrische gegevens, bijvoorbeeld vingerafdrukken. Dit zijn gegevens die je niet kunt wijzigen of een nieuwe van kunt opvragen en daardoor zeer persoonlijk zijn.

Hoe beschermt de AVG?
De AVG stelt regels over het verwerken van persoonsgegevens. Er moet een grondslag zijn voor de verwerking zoals toestemming, een overheidstaak of een gerechtvaardigd belang. Wel zijn er uitzonderingen gesteld voor bijvoorbeeld journalistieke doeleinden.

Het strengste regime geldt voor de bijzondere persoonsgegevens en biometrische gegevens. Het uitgangspunt is dat je deze niet mag verwerken, tenzij er bijvoorbeeld uitdrukkelijke toestemming is. Bij biometrische gegevens moet de verwerking bovendien noodzakelijk zijn. Het kwam voor dat een bedrijf vingerafdrukken gebruikte voor een kassasysteem, waarbij de noodzakelijkheid ontbrak. Ondanks de toestemming, kreeg het bedrijf een flinke boete.

Wat als de regels worden geschonden?
In Nederland wordt door de AP (Autoriteit Persoonsgegevens) toezicht gehouden op de naleving van de AVG. Bij een schending kunnen zij een boete opleggen. Meer informatie over de meest actuele situaties kunt u ook vinden op de website van de AP: www.autoriteitpersoonsgegevens.nl. Daar kunt u laagdrempelig ook een privacyklacht (anoniem) melden.

Daarnaast is het mogelijk om zelf naar de rechter te stappen, bijvoorbeeld voor schadevergoeding wegens het onrechtmatig omgaan met uw persoonsgegevens. U zult daarmee wel proceskosten maken, dus raden wij aan om dan goed af te wegen wat de kosten en baten zijn.

Voorkomen is altijd beter dan genezen, dus pas op met gevoelige informatie en neem contact op met de gegevensverwerker als u ze wil opvragen of laten vernietigen.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Matthijs

Bitcoin

Steeds populairder

De laatste tijd staat het nieuws vol met artikelen over digitale munten. Dit komt doordat de populariteit van Bitcoins en andere digitale munten in de laatste jaren flink is gestegen. In de media gaat het dan vaak over grote aankopen die worden gedaan met de digitale munten. Wereldwijd zijn er verschillende bedrijven waar met Bitcoins betaald kan worden, maar ook hier in Nederland stijgt de populariteit. Een voorbeeld hiervan is een koper in Veghel die zijn toekomstige woning in bitcoin wil gaan betalen. Het gaat bij de aankoop van dit huis om een transactie van een miljoen euro. Doordat er grote transacties plaatsvinden met Bitcoin, rijst de vraag of de Bitcoin juridisch gezien kan worden als een wettig en veilig betaalmiddel.

Wettig betaalmiddel?

De Bitcoin is een virtuele munt, maar deze digitale munt wordt in tegenstelling tot andere valuta’s niet uitgegeven door een bank. Geld dat op een bankrekening staat wordt in de wet digitaal geld genoemd. In 2013 stelde de minister van Financiën dat Bitcoins niet kunnen vallen onder de definitie van digitaal geld in onze huidige wetgeving. Daarnaast staat er ook Europese regelgeving in de weg om de Bitcoin als wettig betaalmiddel aan te merken. Deze regelgeving stelt namelijk dat alleen de euro een geldig betaalmiddel is in lidstaten die de euro als valuta hebben. De Bitcoin wordt om deze redenen in Nederland niet gezien als wettig betaalmiddel, maar als ruilmiddel. Een ruilmiddel is een middel dat gebruikt wordt voor ruilhandel, hierbij is een persoon bereid een product te ruilen voor een ander product. De waarde van deze producten wordt echter door de partijen bepaalt. Dit is de reden dat er aan ruilhandel risico´s kleven, deze risico´s zijn er ook bij de handel in bitcoin.

Risico’s  

Aangezien de Bitcoin niet als wettig betaalmiddel gezien kan worden en slechts een ruilmiddel is, kleven er risico’s aan transacties met bitcoins. Veel wettelijke bepalingen die wel van toepassing zijn op normaal geld, zijn niet geldig voor overeenkomsten die betrekking hebben op de Bitcoin. Zo oordeelde de rechtbank van Overijssel dat het vorderen van schadevergoeding na een mislukte overeenkomst omtrent de levering van bitcoins niet mogelijk was. Hierdoor liep de benadeelde partij veel geld mis. Dit is slechts één voorbeeld waaruit blijkt dat de Bitcoin betaalmiddel is, waaraan veel risico’s kleven voor de gebruiker. Het is dan ook maar de vraag of de verkoper van het huis in Veghel akkoord zal gaan met de verkoop van zijn huis in bitcoins.

Deze risico’s zouden in de toekomst verholpen kunnen worden door de huidige regelgeving rondom het gebruik van Bitcoins en andere digitale valuta te veranderen. Op deze manier kunnen er in de toekomst hopelijk op een veilige manier overeenkomsten gesloten worden, waarbij de betaling in bitcoins gedaan wordt.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: IJsbrand

Let op uw persoonsgebonden aftrek en betaal niet te veel inkomstenbelasting

Inleiding

Het jaarlijkse moment van de belastingaangifte is weer aangebroken. In deze aangifte heeft de Belastingdienst voor veel mensen het inkomen en de spaartegoeden al ingevuld. Daarnaast bestaan tal van aftrekposten die niet voor u zijn ingevuld, maar waar u mogelijk wel geld mee kan besparen. Een belangrijke categorie van aftrekposten is de persoonsgebonden aftrek. Hieronder wordt besproken wat de persoonsgebonden aftrek is, welke kosten afgetrokken kunnen worden en wanneer u hiervoor in aanmerking komt.

Wat is de persoonsgebonden aftrek?

Een aftrekpost vermindert het inkomen dat voor de belasting in aanmerking genomen wordt, waardoor de uiteindelijke belasting lager wordt. De persoonsgebonden aftrek omvat verschillende aftrekposten en is het totaal van deze verschillende aftrekposten. Hieronder worden enkele aftrekposten besproken die onderdeel zijn van de persoonsgebonden aftrek.

Zorgkosten

Specifieke zorgkosten zijn in beginsel aftrekbaar als deze gemaakt zijn in verband met ziekte of invaliditeit. U mag onder voorwaarden de zorgkosten aftrekken die gemaakt zijn voor u, uw fiscale partner en uw kinderen die jonger zijn dan 27 jaar en niet in staat zijn de kosten zelf te betalen. Alleen het deel van de zorgkosten dat hoger is dan het drempelbedrag mag daadwerkelijk worden afgetrokken. Het drempelbedrag wordt berekend op basis van uw inkomen. Als u uw zorgkosten invult in het online aangifteformulier wordt automatisch voor u berekend welk deel van de zorgkosten in aftrek kan worden gebracht.

Een overzichtelijke lijst van de aftrekbare zorgkosten staat op de website van de Belastingdienst of onder de informatieknop in uw digitale aangifte.

Giften

In de belastingaangifte wordt onderscheid gemaakt tussen periodieke giften die volledig aftrekbaar zijn en gewone giften die beperkt aftrekbaar zijn.

Er is sprake van periodieke giften indien u vaste en gelijke uitkeringen doet en u de verplichting bent aangegaan deze uitkeringen voor minimaal vijf jaar te doen. De gewone giften zijn giften aan een instelling die onder een speciale regeling valt waardoor de giften voor u aftrekbaar zijn. Stichting DierenLot is een voorbeeld van een dergelijke instelling. Of de instelling waaraan u een gift heeft gedaan onder deze regeling valt, kunt u controleren op de website van de belastingdienst. Ook voor de gewone giften geldt een drempelbedrag waardoor alleen het deel van de gift dat hoger is dan het drempelbedrag aftrekbaar is. Het drempelbedrag berekent de Belastingdienst voor u in het online aangifteformulier. Tot slot zijn contante bijdragen uitgesloten van aftrek.

Scholingskosten

Scholingskosten zijn in beginsel ook aftrekbaar, indien de opleiding of studie gevolgd wordt voor uw toekomstig beroep. Daarbij geldt als voorwaarde dat u geen recht heeft op studiefinanciering en u de scholingskosten zelf heeft betaald. De kosten die in aftrek mogen worden gebracht zijn in beginsel lesgeld en verplicht studiemateriaal. De scholingskosten zijn alleen aftrekbaar voor zover ze meer bedragen dan 250 euro met een maximum van 15000 euro.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Luc


Klachtplicht

Het belang van de klachtplicht

Partijen kunnen verschillende soorten overeenkomsten met elkaar sluiten, bijvoorbeeld een koopovereenkomst. Deze wordt gesloten tussen een koper en een verkoper. De betrokken partijen spreken dan af over en weer bepaalde rechten en plichten te hebben. Zo heeft u als koper bijvoorbeeld naast de plicht om te betalen, het recht op een product van goede kwaliteit. Toch kan het voorkomen dat er gebreken aanwezig zijn of deze later optreden. U kunt bijvoorbeeld schade lijden als gevolg van het handelen van uw tegenpartij of het kan voorvallen dat het door u aangeschafte product niet voldoet aan uw verwachtingen. Hierbij kunt u denken aan vertragingen bij de levering of een kapot product. In al deze gevallen is het zeer belangrijk dat u als benadeelde tijdig klaagt bij de tegenpartij (bijvoorbeeld de verkoper). Immers, wie niet op tijd klaagt verliest in principe al zijn rechten om het gebrek te verhelpen.

Wanneer heeft u tijdig geklaagd? 

De wet bepaalt dat u als benadeelde bij de tegenpartij ‘binnen bekwame tijd’ moet protesteren (lees: klagen). Het klagen is geheel vormvrij. U kunt dus zelf bepalen op welke manier u klaagt, bijvoorbeeld per brief of e-mail. Een vaste termijn waarbinnen geklaagd moet worden wordt niet gegeven. Rechters hebben beslist dat er bij de beoordeling of er tijdig is geklaagd moet worden gekeken naar alle omstandigheden van het geval. Hierbij is onder meer van belang of de verkoper nadeel lijdt door het laattijdig klagen. Zo kan de verkoper bijvoorbeeld nadeel lijden in het bewijzen van zijn onschuld (hoe later, hoe moeilijker). Ook is het mogelijk dat hij beperkt wordt in zijn mogelijkheden om de gevolgen van het gebrek te beperken. Als de verkoper direct weet dat zijn prestatie niet goed is kan hij immers maatregelen nemen om eventuele verdere schade te voorkomen. Als er dan heel laat wordt geklaagd, worden deze mogelijkheden hem als het ware ontnomen.

Indien er sprake is van een consumentenkoop wordt het klagen binnen twee maanden na het ontdekken in principe als tijdig aangemerkt. Daarvan is sprake wanneer u als particulier een zaak koopt bij een professionele verkoper voor persoonlijke doeleinden (bijvoorbeeld het kopen van een tandenborstel bij een drogisterij). Zodra de aankoop wordt gedaan voor bijvoorbeeld uw bedrijf, wordt er in principe niet meer gesproken van een consumentenkoop. U handelt dan immers niet meer voor persoonlijke doeleinden. Tevens is er in beginsel geen sprake van een consumentenkoop indien u het product van een particulier koopt. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij een koop via Marktplaats of Bol.com, waar ook particulieren producten ter verkoop aanbieden. Het moet in beginsel tenslotte gaan om een koop bij een professionele verkoper, zoals een officiële winkel of bedrijf.

Slechts tijdsverloop op zichzelf is vaak onvoldoende en zal niet leiden tot het niet voldoen aan de klachtplicht. Er zal dus meer aan de hand moeten zijn dan slechts ‘laat’ klagen. De rechter houdt namelijk mede rekening met de ingrijpende gevolgen van het te laat klagen voor u als benadeelde. Deze gevolgen houden in dat in principe al uw rechten om het gebrek te verhelpen vervallen. Mogelijk is dan bijvoorbeeld  dat u als koper niet meer in staat bent uw schade op de verkoper te verhalen of het product te vervangen. De rechter zal dus hieromtrent in ieder geval de wederzijdse belangen tegen elkaar afwegen.

U heeft in sommige gevallen zelf ook een onderzoeksplicht. Dit houdt in dat er van u verwacht kan worden dat u onderzoek verricht naar hetgeen u heeft aangeschaft. Slechts oppervlakkig onderzoek is hierbij vaak al voldoende. U kunt hierbij denken aan het aanzetten van uw telefoon bij aanschaf of door het verrichten van een steekproef bij het inkopen van een grote hoeveelheid producten. Over het algemeen bestaat dit onderzoeksplicht slechts als er een aanleiding toe is dat er iets mis is.

Al met al wordt het ten zeerste aangeraden om zo snel mogelijk bij het ontdekken van een gebrek uw wederpartij hierover in te lichten. Het is van belang dat dit binnen bekwame tijd gebeurt. Dit zorgt er namelijk in beginsel voor dat u sterker in uw recht staat. In het geval van een consumentenkoop is het klagen binnen twee maanden na het ontdekken van het gebrek in principe tijdig.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl. Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Evşen


Dieraansprakelijkheid

Indien uw huisdier schade maakt aan iemand anders of zijn bezittingen, bent u dan aansprakelijk voor deze schade? Bijvoorbeeld dat uw hond opeens een voorbijganger in zijn been bijt. Hieronder leggen we het uit! In de wet is geregeld dat de bezitter van een huisdier aansprakelijk is voor de schade die het huisdier heeft aangericht. Echter, dit geldt niet als het baasje de gedraging van het huisdier niet in zijn macht zou hebben gehad. Deze vorm van aansprakelijkheid gaat over de situatie dat de eigenaar van zijn huisdier er niks aan kan doen dat het huisdier schade bij een ander aanricht. Om aansprakelijk te zijn voor de schade die door uw huisdier is aangericht, dient aan verschillende voorwaarden te zijn voldaan.

Voorwaarden

Ten eerste moet iemand bezitter zijn van het huisdier. Een bezitter houdt het huisdier voor zichzelf: hij heeft feitelijk de macht over het huisdier en gedraagt zich alsof hij de macht heeft over het huisdier. Ten tweede moet het huisdier schade aanrichten vanuit zijn eigen energie. Dit betekent dat het huisdier géén commando heeft gekregen. Wordt een commando gegeven om bijvoorbeeld iemand specifiek in zijn arm te bijten, dan is er geen sprake meer van de eigen energie van het huisdier. Ten derde dient er sprake te zijn van schade. Deze schade dient dan ook aangericht te zijn door het huisdier. Dit houdt in dat wanneer een huisdier jou zou hebben aangevallen, de aangerichte schade het gevolg dient te zijn van de gedraging van het huisdier. Indien hieraan is voldaan, is iemand in beginsel aansprakelijk, tenzij er sprake is van een uitzondering.

De uitzondering

De wet geeft een uitzondering in het geval van dieraansprakelijkheid. Hierbij is van belang of het baasje van het huisdier aansprakelijk zou zijn. Dit is wanneer het baasje het huisdier wel in zijn of haar macht zou hebben gehad en bepaalde gedragingen al dan niet zou hebben toegestaan. Bijvoorbeeld: is het in strijd met het recht als iemand zijn of haar huisdier een bevel geeft iemand te bijten? Het antwoord op deze vraag is dus van belang. Als het antwoord op de vraag ja is, is de bezitter van het huisdier alsnog aansprakelijk. De uitzondering geldt dan niet. Als het antwoord op deze vraag nee luidt, dan is de bezitter van het huisdier hoogstwaarschijnlijk niet aansprakelijk. Dan is de uitzondering dus wel van toepassing.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Fleur

Loondoorbetaling bij geen of minder werk als gevolg van de coronacrisis

Wij bevinden ons momenteel in een corona-crisis. Dit kan ertoe leiden dat werkgevers minder of geen werk meer hebben voor hun werknemers. Is de werkgever dan verplicht om de werknemer te blijven doorbetalen? En wat zijn de plichten van de werknemer?

Indien een werknemer de afgesproken arbeidsuren niet of gedeeltelijk niet heeft gewerkt omdat er niet genoeg werk is, dan is de werkgever op grond van de wet in beginsel verplicht om het loon door te betalen. Dit wordt ook wel de loondoorbetalingsverplichting genoemd. Deze verplichting is in beginsel van toepassing indien het niet-werken of minder werken voor rekening van de werkgever komt. In principe is het in dit geval redelijk dat de coronasituatie voor rekening komt van de werkgever.

Het is wel van belang om te vermelden dat u goed moet kijken wat er is afgesproken in de arbeidsovereenkomst. Van de loondoorbetalingsverplichting bij onvoldoende werk kan namelijk de eerste 26 weken van de arbeidsovereenkomst worden afgeweken. Dit moet dan zijn vastgelegd in een schriftelijke overeenkomst tussen u en uw werkgever, bijvoorbeeld een arbeidsovereenkomst. Maar dit kan ook bepaald zijn in een voor u geldende cao. Een cao is een schriftelijke overeenkomst waarin afspraken over arbeidsvoorwaarden staan die voor een grotere groep mensen geldt. U kunt een cao in sommige gevallen terugvinden in uw arbeidsovereenkomst of u kunt aan uw werkgever vragen of er voor u een cao geldt. Ook zijn alle cao’s te vinden op de website van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Als u bent aangesloten bij een vakbond, kunt u eventueel daar ook de cao vinden. Ook voor het opnemen van deze uitzondering in een cao geldt dat alleen voor de eerste zes maanden van uw arbeidsovereenkomst een uitzondering op de loondoorbetalingsplicht kan worden gemaakt.

Het accepteren van aangeboden passende arbeid door uw werkgever is ook een voorwaarde voor het recht op loondoorbetaling. Uw werkgever kan u vragen om ander werk te doen dan dat u normaal doet. Dit werk moet wel passen bij uw arbeidsverleden, uw opleiding, uw competenties en overige persoonlijke omstandigheden. U moet namelijk in staat zijn om de werkzaamheden te kunnen verrichten.

Er kunnen redenen zijn voor u om bepaalde werkzaamheden te weigeren. Bijvoorbeeld omdat u tijdens de corona-crisis tot de risicogroep behoort. Als u dan aan het werk wordt gezet op een plek waar veel mensen bij elkaar komen, dan kunt u dit aanbod van arbeid weigeren.  U moet dan wel goed kunnen motiveren waarom u dit aanbod van passende arbeid weigert. De mogelijkheid van thuis werken wordt in veel gevallen gezien als passende arbeid. Naar alle waarschijnlijkheid heeft u geen recht op loondoorbetaling indien u thuiswerken weigert, tenzij u hier een goede reden voor heeft. Een goede reden zou bijvoorbeeld kunnen zijn dat thuis geen veilige omgeving is. In beginsel geldt dus de plicht van het aanvaarden van passende arbeid, maar er kunnen sterke redenen zijn voor u waardoor u dit niet als passende arbeid ziet en u dit dus weigert.

Al met al, is de werkgever in beginsel dus verplicht om het loon van de werknemer door te betalen bij het (gedeeltelijk) wegvallen van werk. In dit geval is het in principe redelijk dat de coronasituatie voor rekening van de werkgever komt. Indien u op dit moment korter dan zes maanden in dienst bent bij uw werkgever, is het van belang om te kijken of er een uitzondering op de loondoorbetalingsverplichting is opgenomen in uw arbeidsovereenkomst of in een cao die van toepassing is. Daarnaast geldt in beginsel voor iedere werknemer, dus ongeacht hoe lang u op dit moment in dienst bent, dat passende arbeid aanvaard moet worden voor het recht op loondoorbetaling. Er kunnen echter sterke redenen voor u zijn om het aanbod van passende arbeid te weigeren.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Hester

Recht op gesubsidieerde rechtsbijstand

In Nederland geldt dat iedereen in beginsel recht heeft op rechtsbijstand. Dit betekent dat iedereen het recht heeft bijgestaan te worden door een advocaat. Dit staat in artikel 18 van de Grondwet. Over het algemeen denkt men dat het erg prijzig kan zijn om een advocaat in de arm te nemen. Dit hoeft echter niet altijd het geval te zijn. In Nederland is namelijk een stelsel van rechtshulp ontwikkeld, zodat iedereen een vorm van rechtsbijstand kan ontvangen. Door middel van dit stelsel kunnen mensen door een pro-Deoadvocaat worden bijgestaan. Dit zijn advocaten die grotendeels betaald worden door de overheid en daardoor maar voor een klein deel door uzelf betaald worden. Maar hoe zit dit systeem precies in elkaar?

Financiële voorwaarden

De instantie die in Nederland beoordeelt of u recht heeft op gesubsidieerde rechtsbijstand is de Raad voor Rechtsbijstand. Er wordt door deze organisatie bekeken of u aan een aantal voorwaarden voldoet. Zo kijkt de Raad voor Rechtsbijstand naar uw inkomen en vermogen, of u een partner heeft en naar de inhoud van uw probleem. De hoogte van uw inkomen wordt bekeken aan de hand van uw inkomen twee jaar voor het jaar dat u het verzoek op gesubsidieerde rechtsbijstand indient. Dus indien u in 2021 een aanvraag doet, wordt er gekeken naar uw inkomen van 2019. De voorwaarden voor de hoogte van uw inkomen zijn als volgt, uw verzamelinkomen mag niet hoger zijn dan:

  • Voor een alleenstaande: €28.600
  • Voor partners die getrouwd zijn, samenwonen of een geregistreerd partnerschap hebben: €40.400
  • Voor een alleenstaande ouder: €40.400

Daarnaast wordt er ook gekeken naar uw vermogen, zoals spaargeld. Hiervoor geldt dat dit niet hoger mag zijn dan:

  • Voor alleenstaanden en eenoudergezinnen: €30.360
  • Voor partners die samenwonen, getrouwd zijn of een geregistreerd partnerschap hebben gezamenlijk: €60.720

Indien uw vermogen en inkomen niet voldoen aan de bovenstaande voorwaarden, heeft u in beginsel geen recht op gesubsidieerde rechtsbijstand. Indien uw inkomen of vermogen zijn veranderd ten opzichte van 2019 en nu bijvoorbeeld lager zijn, is het mogelijk om een verzoek tot peiljaarverlegging aan te vragen. In dit geval zou de Raad voor Rechtsbijstand kunnen besluiten om naar uw huidige financiële situatie te kijken, in plaats van naar die van twee jaar geleden.

Inhoud van de zaak

Nadat is vastgesteld of u aan de bovenstaande voorwaarden voldoet, wordt er bekeken of het wel nodig is om in uw zaak een advocaat of mediator in te schakelen. De Raad voor Rechtsbijstand bekijkt dit per zaak en dit kan dus per zaak verschillen. Eén harde eis die de Raad voor Rechtsbijstand in elke zaak toepast, is dat het geschil in ieder geval moet gaan om een probleem dat gaat over meer dan €250,00.

Eigen bijdrage

In de meeste gevallen zal het waarschijnlijk niet zo zijn dat de overheid de volledige kosten van uw advocaat of mediator draagt. Vaak is het namelijk zo dat u een eigen bijdrage moet betalen. De hoogte van deze eigen bijdrage kan variëren tussen de €82,00 en €848,00. Dit is in beginsel afhankelijk van uw inkomen en de grootte van de zaak. Voor meer informatie over uw precieze eigen bijdrage verwijzen wij u door naar de website van het Juridisch Loket: https://www.juridischloket.nl/hoe-we-werken/advocaat-nodig/toevoeging-advocaat/. Hier vindt u in het formulier ‘voorwaarden toevoeging 2021’ de hoogte van uw eigen bijdrage.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl! Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Sten

Geen testament? Wie erft er dan?

Gedurende uw hele leven kunt u een testament op laten maken waarin staat hoe uw erfenis verdeeld moet worden. Dit doet echter niet iedereen. Wie zijn dan de erfgenamen als men geen testament op laat maken?

Wanneer iemand geen testament heeft opgemaakt, wordt de erfenis verdeeld volgens de wet. De erflater is degene die overlijdt en een nalatenschap achterlaat. De eerste personen die kunnen erven zijn de echtgenoot (of geregistreerd partner) en de kinderen. Stel dat de erflater geen echtgenoot/geregistreerde partner of kinderen heeft. Dan komen de volgende personen in genoemde volgorde in aanmerking om te erven. Als eerste zijn dit de ouders, broers en zussen. Als die er ook niet zijn, dan komen de grootouders in aanmerking. Daarna komen eventueel nog de overgrootouders in aanmerking om te erven. Wanneer een van de genoemde personen wel heeft bestaan maar is overleden of onwaardig is om te erven, komen voor diegene zijn of haar kinderen in de plaats. Om dit te illustreren volgt nu een voorbeeld. Stel er is een man opgegroeid met twee ouders en een broer. Zijn broer is vader geworden. De ouders en broer zijn inmiddels overleden. Als het kind van zijn broer nog leeft, is dat kind de erfgenaam van de man.

Wanneer is iemand dan onwaardig om te erven? Onwaardig om te erven is iemand op het moment dat men ernstige strafbare feiten heeft gepleegd tegen de erflater. De feiten die hier worden bedoeld worden door de wet genoemd. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het van het leven beroven van de erflater. Deze persoon is dan onwaardig om van de erflater te erven. Tevens is men onwaardig om te erven wanneer er door zijn of haar toedoen geen testament is of als er door zijn of haar toedoen geen testament is opgemaakt door de erflater.

Indien er meerdere erfgenamen zijn die samen erven, zoals hierboven besproken, erven deze erfgenamen in beginsel voor een gelijk deel. Neem het voorbeeld dat de erflater was getrouwd en twee kinderen had. De eerste groep die mogelijk kan erven is dus aanwezig, namelijk de echtgenoot en de kinderen. De kinderen en de echtgenoot erven dan in principe alle drie 1/3e deel. De kinderen kunnen hun erfdeel in beginsel pas opeisen op het moment dat de overgebleven echtgenoot ook is overleden. Uiteraard bestaan hier uitzonderingen op, maar het is te ingewikkeld om het hier uitgebreid over te hebben.

Nog een leuk weetje. De wet eist dat een persoon bestaat op het moment van erven. Dit klinkt logisch, maar ook een ongeboren kind wordt als bestaand aangemerkt in dit geval.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl. Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Lotte

Ontslag op staande voet

Ontslag op staande voet wordt ook wel gezien als de zwaarste sanctie die het ontslagrecht kent. Wat maakt deze sanctie zo zwaar? En wanneer mag er worden overgegaan tot deze sanctie? In dit stuk komt u meer te weten hierover. In een arbeidsrelatie kan zowel de werknemer als de werkgever overgaan op een ontslag op staande voet. Het ontslag op staande voet door de werkgever zal hierna kort worden besproken. 

Ontslag op staande voet kan ingrijpende gevolgen hebben voor de werknemer. Indien het ontslag op staande voet geldig heeft plaatsgevonden, betekent dat namelijk dat het dienstverband van de werknemer per direct wordt verbroken. Ook wordt de werknemer dan schadeplichtig ten opzichte van zijn of haar werkgever. Dit houdt in dat de werknemer schade dient te vergoeden die ontstaan is bij het ontslag op staande voet. Een ander, wellicht het meest invloedrijke, gevolg is dat de ontslagen werknemer geen werkeloosheidsuitkering, ook wel WW-uitkering genoemd, kan ontvangen. Vooral met het oog op dit laatste gevolg is het van belang te weten of een ontslag op staande voet geldig is verlopen.

Om een werknemer op een geldige manier te kunnen ontslaan moet aan een viertal vereisten zijn voldaan. Ten eerste moet het feit dat door de werknemer is gepleegd, wat geleid heeft tot het ontslag, voldoende ernstig zijn. Deze voorwaarde betreft een afweging door de rechter, er moet namelijk worden bekeken wanneer een feit dermate ernstig is dat ontslag op staande voet een mogelijkheid is. De wet geeft enkele voorbeelden van een dergelijke ernstige situatie, zoals diefstal, geweldpleging, herhaalde werkweigering of tijdens of buiten het werk plegen van zeer ernstige misdrijven.

Ten tweede moeten bij het ontslag de belangen van de werknemer door de werkgever worden meegewogen. Hierbij kan men denken aan de leeftijd van de werknemer en de gevolgen van ontslag op staande voet. Hierbij dient de ernst van de reden tot ontslag in verhouding te staan tot de ernst van de gepleegde handeling. Een recent voorbeeld van een onterecht ontslag op staande voet betreft een werknemer van de Action die een plastic tas ter waarde van 3 cent had gestolen en op staande voet werd ontslagen. Bij de rechter haalde hij zijn succes: de rechter oordeelde het ontslag op staande voet niet terecht, omdat hij het niet proportioneel achtte de werknemer voor een goedkoop zakje te ontslaan.

Het derde vereiste betreft het feit dat de werkgever onmiddellijk nadat het ernstige feit zich heeft voorgedaan, tot handelen moet overgaan. Dit houdt in dat de werkgever nadat het feit zich heeft voorgedaan, de werknemer direct naar huis moet sturen en hem op staande voet moet ontslaan. Als vierde en laatste vereiste moet de reden van het ontslag op staande voet direct aan de werknemer worden medegedeeld. De werkgever dient dus op dat moment direct aan de werknemer te vermelden waarom hij of zij ontslagen is.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl. Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Fleur

Herroepingsrecht bij koop op afstand

Het herroepingsrecht bij koop op afstand

Er wordt tegenwoordig veel online gekocht. Het verschil met een aankoop in een winkel is dat u bij een online aankoop het product van tevoren niet hebt kunnen zien. Om deze reden geldt er een wettelijke bedenktijd van 14 dagen wanneer een consument een koop op afstand doet. Deze bedenktijd wordt ook wel het ‘herroepingsrecht’ genoemd. Wanneer er sprake is van een koop op afstand, wat het herroepingsrecht precies inhoudt en hoe het zit met een eventuele terugbetaling, leest u hier.

Wanneer is er sprake van een koop op afstand?

Van een koop op afstand is in beginsel sprake als een consument iets via internet, de telefoon of via een bestelbon uit een tijdschrift of catalogus koopt. Bij deze aankopen is er geen persoonlijk contact met de verkoper. Het moet gaan om een aankoop door een consument. Wanneer u iets van een particulier koopt via bijvoorbeeld Marktplaats of als bedrijf inkopen doet, is er in principe geen sprake van een koop op afstand. Het zal in beginsel dus moeten gaan om een aankoop van een consument bij een bedrijf.

Wat houdt het herroepingsrecht in?

De termijn voor het inroepen van het herroepingsrecht bedraagt 14 kalenderdagen. Het herroepingsrecht geldt voor zowel producten als diensten. Een dienst is bijvoorbeeld een taalcursus die via internet wordt gegeven Het herroepingsrecht geldt niet voor alle producten. Het geldt bijvoorbeeld niet voor reizen/vakanties, op maat gemaakte producten en onroerende goederen (bijvoorbeeld een woning). De bedenktijd van 14 dagen gaat in op de dag nadat het product is ontvangen of vanaf het moment dat de dienst is ontvangen. In deze periode mag u het product beoordelen. De verpakking mag in beginsel worden opengemaakt en kleding en schoenen mogen bijvoorbeeld worden gepast. Als u binnen deze periode besluit om gebruik te maken van het herroepingsrecht, hoeft u hiervoor geen reden aan de verkoper te geven. Het herroepingsrecht kan worden ingeroepen door het modelformulier herroeping van de verkoper in te vullen. Het modelformulier herroeping is een formulier waarmee de consument een aankoop kan herroepen. De verkoper is volgens de wet verplicht om aan de consument de mogelijkheid te bieden om te herroepen via het modelformulier. Het herroepingsrecht kan ook worden ingeroepen door een andere verklaring aan de verkoper te doen waarin u aangeeft dat u gebruik wilt maken van het herroepingsrecht, bijvoorbeeld door het sturen van een brief of een e-mail.

Hoe zit het met de terugbetaling?

Wanneer u als consument binnen 14 dagen aan de verkoper hebt aangegeven gebruik te willen maken van het herroepingsrecht, heb u daarna nog 14 dagen de tijd om het product terug te sturen. Nadat u hebt aangegeven van de koop af te zien, heeft de verkoper 14 dagen de tijd om het aankoopbedrag terug te betalen. De verkoper mag de kosten van de retourzending in rekening brengen, maar daarover moet u als consument in principe wel van tevoren zijn geïnformeerd.

Wilt u meer weten over dit onderwerp of heeft u andere vragen? Bezoek dan een gratis inloopspreekuur van Rechtswinkel Arnhem of maak een afspraak door te mailen naar info@rechtswinkelarnhem.nl. Tevens verwijzen wij u graag naar onze website, waar u ons team en alle gedetailleerde informatie treft: www.rechtswinkelarnhem.nl. Let op: in verband met de huidige situatie rondom het coronavirus verzorgen wij geen spreekuren. Wel kunt u te allen tijde uw vraag naar ons mailen voor digitaal advies!

Door: Lisa